MM Tickets is gesloten vanaf 6 juli tot en met 12 augustus.
Tickets en abonnementen kunnen tijdens deze periode nog steeds online gekocht worden.
De Munt wenst je een fijne en deugddoende zomer!

Sluiten
De Munt / La Monnaie DE MUNT / LA MONNAIE

Die Walküre

Het verhaal en de muzikale hoogtepunten

Marie Mergeay, Thomas Van Deursen
Leestijd
8 min.

The saga continues. Lees hier de korte inhoud van Die Walküre en beluister alvast enkele muzikale highlights, geselecteerd en becommentarieerd door Muziekdirecteur Alain Altinoglu.

WAT VOORAFGING

Tussen de goden, de Nibelungen en de reuzen woedt de strijd om het Rijngoud en de ring die de macht over de hele wereld oplevert. Alberich, die het Rijngoud heeft gestolen en daartoe de liefde heeft afgezworen, sprak een vloek uit over de ring die hij smeedde uit het goud: wie de ring niet heeft, wil hem bezitten, en wie hem bezit, sterft.

De goden wonen ondertussen in het Walhalla, maar de reus Fafner vormt een gevaar voor hun almacht: sinds hij zijn broer doodde, bezit hij als enige de ring. Met behulp van de magische Tarnhelm nam hij de gedaante van een onoverwinnelijke draak aan om de Nibelungenschat te bewaken.

Op zoek naar antwoorden over de toekomst van de wereld heeft oppergod Wotan de oermoeder Erda opgezocht. Hij heeft bij haar Brünnhilde verwekt: zij verzamelt samen met de andere Walkuren de gevallen helden op het slagveld en brengt hen naar Walhalla om de burcht te beschermen. Wotan heeft ook lang in de gedaante van ‘Wolfe’ of ‘Wälse’ op aarde rondgezworven. Uit zijn liefde voor een sterfelijke vrouw werd de tweeling Siegmund en Sieglinde geboren, die in hun jeugd van elkaar werden gescheiden. Wotan koestert de hoop dat een vrije held uit dat nageslacht ooit de ring zal kunnen terugwinnen van Fafner.

EERSTE BEDRIJF

Alain Altinoglu’s eerste kennismaking met Bayreuth

Ik was net negentien geworden toen ik voor het eerst de Bayreuther Festspiele bezocht. Nora [Gubisch, zijn echtgenote] nam er deel aan een zangwedstrijd. Op dat moment stond Die Walküre op de affiche, maar we konden geen plaatsen meer bemachtigen voor de voorstelling. Een uur voordat de deuren sloten, bood een man ons kaartjes aan voor 50 mark. We dachten dat hij ons wilde oplichten en liepen door naar het onthaal, maar de loketbediende vertelde ons dat we onze plaatsen minstens acht jaar van tevoren hadden moeten reserveren. Dus gingen we weer op zoek naar de man met de kaartjes. Een half uur voor de voorstelling vonden we hem, maar deze keer vroeg hij maar liefst 500 mark. Wanhopig trokken we weer naar het loket, en als bij wonder waren er twee plaatsen vrijgekomen in het midden van de zaal. Ik wist niets over het ritueel dat bij een voorstelling in Bayreuth hoort. De houten stoelen, de hitte, het publiek dat plechtig rij per rij naar binnen schuift, de deuren die met een sleutel worden vergrendeld … Toen de lichten werden gedoofd, stierf elk geluid weg en was er alleen absolute stilte. Tot plots, vanuit het niets (want het orkest is niet zichtbaar vanuit de zaal), de storm van Die Walküre losbarstte. Ik schrok me te pletter! De muziek greep me zo bij de keel dat ik tranen voelde opwellen. Telkens wanneer ik dit fragment hoor, herbeleef ik dat moment.

Op een stormachtige avond komt een onbekende gewond en uitgeput bij de woning van Hunding aan. Hundings echtgenote Sieglinde is alleen thuis en ze onthaalt de ongewapende man, zonder te beseffen dat het haar broer Siegmund is. Ze is duidelijk begaan met zijn lot, maar de onbekende, die zichzelf Wehwahlt (letterlijk: voorbestemd voor tegenslag) noemt, vreest met zijn aanwezigheid onheil over het huis uit te roepen. Toch beslist hij Hunding op te wachten: net als Sieglinde ervaart hij een diep gevoel van verbondenheid.

Hunding, van de clan der Neidingen, komt terug na een vruchteloze klopjacht op een voortvluchtige in het woud. Met enige tegenzin biedt hij de onbekende zijn gastvrijheid aan. Het valt hem op hoe de man op zijn echtgenote lijkt. Siegmund, die zich opnieuw voorstelt als Wehwahlt, doet zijn verhaal: op een dag kwam hij met zijn vader terug van een jachtpartij en troffen ze hun huis platgebrand aan. Zijn moeder werd vermoord en zijn tweelingzus meegenomen. Daarna leefde hij lange tijd met zijn vader in het woud, opgejaagd als een wolf en zijn welp. Op een dag, tijdens een gevecht met de Neidingen, raakte Siegmund het spoor van zijn vader bijster. Sindsdien is hij op de dool, geplaagd door onheil. Zo nam hij het een keer op voor een jonge vrouw die tegen haar zin werd uitgehuwelijkt. Daarbij doodde hij verschillende van haar verwanten en moest ongewapend op de vlucht slaan.

Na dit relaas begrijpt Hunding dat deze onbekende de voortvluchtige is die hij achternazat in het woud. Volgens de wetten van de gastvrijheid mag Siegmund de nacht in het huis doorbrengen, maar de volgende dag zal hij Hunding moeten trotseren in een duel.

Sieglinde doet een slaapmiddel in Hundings avonddrank en trekt zich terug voor de nacht. Siegmund voelt zich onherroepelijk tot Sieglinde aangetrokken. Hij herinnert zich de belofte van zijn vader, die hem zei dat hij in tijden van nood een zwaard zou vinden.

Dankzij de slaapdrank slaapt Hunding erg vast. Sieglinde komt terug bij Siegmund en vertelt hem over het zwaard dat op de dag van haar gedwongen huwelijk met Hunding in de stam van een boom werd gestoten door een onbekende. Siegmund begrijpt dat dit het zwaard is waarop hij heeft gewacht, en ook dat Sieglinde zijn vrouw zal zijn. Beiden voelen dat ze voor elkaar zijn voorbestemd en beseffen dat ze broer en zus zijn. Sieglinde geeft hem de naam Siegmund, waarna hij het verlossende zwaard – Nothung – uit de stam lostrekt. Nu behoren ze elkaar toe: “Bruid en zuster ben jij voor je broer – welig bloeie het Wälsungenbloed”. Ze vluchten weg in de nacht.

TWEEDE BEDRIJF

Wotan roept zijn dochter Brünnhilde op om hem bij te staan in de nakende confrontatie tussen zijn zoon Siegmund en Hunding. Hij vraagt haar om Siegmund de overwinning te bezorgen. Nadat Brünnhilde is vertrokken om zich voor te bereiden op dit gevecht, spreekt Fricka Wotan aan. Als godin van de huwelijkstrouw eist ze dat Wotan Hundings huwelijksrechten respecteert. Het is voor haar ondenkbaar dat de oppergod een overspelig én incestueus paar in bescherming zou nemen. Wotan verdedigt hun pure liefde en oppert dat Siegmund de held is die de goden kan helpen om Fafner de ring afhandig te maken. Maar Fricka is onvermurwbaar en eist dat ook Brünnhilde zich afzijdig houdt. Wotan belooft Fricka dat Siegmund zal sterven.

Brünnhilde, die zich heeft voorbereid op de strijd, treft haar vader vertwijfeld aan. Hij vertelt haar alles: het gestolen Rijngoud, Alberichs ring die hijzelf met een list in zijn bezit kreeg, de vloek... En ook hoe hij Erda dwong zijn vragen over de toekomst van de wereld te beantwoorden en bij haar Brünnhilde verwekte. Samen met de andere Walkuren moet Brünnhilde voorkomen dat Erda’s voorspelling over de ondergang van de godenstam uitkomt. Maar dat neemt niet weg dat een nieuwe confrontatie met Alberich dreigt én dat Wotan gebonden is door zijn pact met Fafner. Zelf kan hij de ring niet terugstelen: daarvoor heeft hij een held nodig, die de ring terughaalt zonder daartoe aangestuurd te worden. Siegmund had die held kunnen zijn, maar Wotan ziet nu dus zijn hoop vervliegen. Bovendien heeft hij vernomen dat Alberich een nakomeling heeft verwekt, waardoor diens wraakgevoelens kunnen overgaan op een volgende generatie. Voor Brünnhilde is het onbegrijpelijk dat haar vader, met wie ze zich diep verbonden voelt, haar opdraagt om in de strijd niet de kant van zijn zoon Siegmund, maar die van Hunding te kiezen.

Siegmund en Sieglinde zijn nog steeds op de vlucht. De jonge vrouw is uitgeput, maar schreeuwt haar afgrijzen en onmacht uit omdat ze zich heeft moeten geven aan Hunding, van wie ze nooit heeft gehouden. Siegmund probeert haar te troosten vooraleer ze in slaap valt. Brünnhilde komt hem melden dat hij – volgens Wotans bevel – zal sneuvelen op het slagveld en naar Walhalla zal gevoerd worden. Siegmund wijst dat vooruitzicht af en dreigt ermee om samen met Sieglinde zelfmoord te plegen. Diep bewogen door Siegmunds vastberadenheid en zijn liefde voor Sieglinde besluit Brünnhilde om Wotans bevel te negeren en het toch voor Siegmund op te nemen. Met haar hulp verloopt het gevecht aanvankelijk in zijn voordeel, maar dan komt Wotan tussen: hij breekt Siegmunds zwaard en Hunding maakt Siegmund af. Brünnhilde ontsnapt met Sieglinde en het gebroken zwaard. Vol minachting doodt Wotan Hunding en gaat Brünnhilde achterna, om haar te straffen voor haar ongehoorzaamheid.

EEN PARTITUUR VAN CONTRASTEN

Alain Altinoglu: Bij Die Walküre denken de meesten aan de razende orkestpartijen aan het begin van de drie bedrijven. Maar de muziek wordt vooral gedragen door dramatische, genuanceerde dialogen tussen twee personages: een verliefd koppel, een vader en zijn dochter, twee echtgenoten,… In die dialogen wisselen extase, woede, wanhoop, zachtheid en tederheid elkaar soms snel af. Het orkest brengt die variatie erg nauwgezet en genuanceerd ten gehore, bijna alsof het kamermuziek speelt. Als dirigent moet je er enerzijds over waken dat de overkoepelende architectuur consistent blijft, dat de grote lijnen van je muzikale interpretatie (eerder analytisch dan wel emotioneel, eerder snel dan wel traag) als zodanig herkend en aangevoeld kunnen worden. Tegelijk moet je je binnen dat kader kunnen aanpassen aan het specifieke van elke scène en van de vertolkers waar je mee werkt. Iedere zanger ademt bijvoorbeeld op zijn of haar eigen manier. De tekst is daarbij altijd mijn leidraad: bied ik de zanger de optimale situatie om de woorden verstaanbaar te zingen en zijn of haar stem zo mooi mogelijk te laten klinken? Dat is voor mij het essentiële.

DERDE BEDRIJF

Alle Walkuren verzamelen voor de strijd, om gevallen helden naar Walhalla te brengen. Ze zijn verbaasd om Brünnhilde te zien aankomen, niet met een man, maar met een vrouw, Sieglinde. Als ze vernemen dat Brünnhilde op de vlucht is voor Wotan, weigeren ze aanvankelijk om hen te helpen. Sieglinde is aan het einde van haar krachten en wil liever sterven, maar Brünnhilde vertelt haar dat ze Siegmunds kind verwacht, dat de naam Siegfried zal dragen. Hierdoor vindt Sieglinde nieuwe kracht: ze neemt de stukken van het zwaard, dankt de Walkure en vlucht alleen weg.

Wanneer Wotan aankomt, proberen de andere Walkuren Brünnhilde te verbergen, maar de god is buiten zichzelf en eist dat Brünnhilde zich toont. Door zijn bevel te negeren, stelde ze zich buiten zijn bescherming: ze zal niet langer een half-goddelijke Walkure zijn, maar een sterfelijke vrouw.

Geschrokken probeert Brünnhilde Wotan te overtuigen van haar goede bedoelingen: door zijn bevel te negeren, gaf ze eigenlijk gehoor aan zijn diepste wensen. Wotan constateert bitter dat hij – eens te meer – verstrikt zit, maar geeft niet toe. Aangezien Brünnhilde voor de liefde heeft gekozen, is ze niet langer welkom in Walhalla. Ze zal verbannen worden naar een rotspartij waar ze zal slapen tot een sterfelijke man haar wekt. Ze smeekt haar vader om rond haar een vuurcirkel aan te leggen die enkel door een held getrotseerd kan worden. Hij neemt bewogen afscheid van zijn dierbare dochter – “Vaarwel, jij die mij zo lief bent!” – en roept Loge, de vuurgod, op om Brünnhilde in haar slaap te beschermen met een vlammenzee. Tot slot verkondigt Wotan dat al wie zijn zwaard vreest, het vuur moet mijden.